Tot mijn gestaag toenemende afgrijzen bleek dat blinde vertrouwen in de rede als richtlijn, als een Noordster voor wie verdwaald is, gebaseerd op een nogal naïeve aanname. Een aanname zo diep geworteld dat een simpel correctie door dagelijkse observaties jarenlang onvoldoende bleek.
Mijn verbazing over die wankele rede leeft nog steeds. Hoeveel woorden mensen niet uitspreken zonder elkaar te horen! Woorden die het ene zeggen, terwijl ze het andere bedoelen. Of woorden die, oprecht gesproken, hun doel nooit bereiken omdat de luisteraar afwezig is. Soms lijkt het geen verschil te maken met hoeveel vernuft, met hoeveel analyse, onderbouwing of vurige intentie woorden zijn uitgesproken om de ander dat ene punt duidelijk te maken. — Begrip: begrijpen of medeleven? — Neem een woord als 'begrip'. De één doelt ermee op het begrijpen van een situatie, terwijl de ander hieronder een mate van persoonlijk medeleven en ondersteuning verstaat. De één reageert op de inhoud, de ander op de manier waarop het gebracht wordt. De onderlaag van de intentie lijkt soms belangrijker dan de gesproken inhoud. Mensen weten vaak zelf niet wat ze beogen, maar grijpen iets aan om er iets anders mee te bereiken, zoals erkenning of ... meer of minder bewust... dominantie. De aandacht op iets anders dan wat letterlijk besproken wordt maakt goed luisteren, of goed begrepen worden, onmogelijk. — De collectieve overtuiging — Wat kleinschalig, in kleine kring, al zo moeilijk blijkt, hoe onmogelijk moet dat wel niet zijn als er collectieve overtuigingen in het geding zijn? Als één persoon al niet luistert, hoe krijgt men van zovelen dan een open oor? Als overtuigingen kennelijk zo beslissend zijn bij het vermogen tot luisteren - en de mogelijkheid gehoord te worden - waarom zou men het oor dan niet rijp maken door eerst de overtuigingen te wijzigen, bijvoorbeeld door in te spelen op collectieve angsten, hebzucht of pure onwetendheid? Ach, natuurlijk. De kwetsbaarheid van de rede wordt op deze wijze al dagelijks bevestigd. Het bespelen van overtuigingen om een collectief gehoor rijp te maken voor anders lastig te verkopen boodschappen is een bekend onderdeel van propaganda. De resultaten kunnen verbluffend zijn zonder dat velen het door hebben. Eerlijk is het allemaal niet en met waarheid of waarheidsvinding heeft het niets van doen. Propaganda is geraffineerder dan de aantrekkelijkheid van een mooie etalage. Met valse schijn dient propaganda een geïsoleerd belang, waarbij het nagestreefde belang volledig boven dat van anderen wordt gesteld. — Het geweld van de aanzwellende stroom — Het collectieve gehoor is als een stroom van overtuigingen dat zichzelf van galm voorziet. Breed gedragen wijsheden worden hier versterkt, vooral als aan de horizon een gemeenschappelijke vijand loert. Wie hier tegenin gaat is al snel een radicaal. De macht van de meerderheid overstemt elke vrije uitwisseling van gedachten, zodra tenminste de gekoesterde conventionele wijsheden in gedrang komen. Dit is een omgekeerd evenredige situatie van toen macht formeel nog in handen was van enkelingen, toen het afwegen van een divers gedachtengoed evenmin mogelijk was. De rede staat machteloos zonder het vermogen tot luisteren, of de macht nu is aan een minderheid of aan een zogenaamde meerderheid. |
DE ONMACHT VAN DE REDE |
2 |
|---|
— Overheidsmanipulatie — |
Afwijkende standpunten van critici, waaronder harde argumenten en bewijzen, vallen plotseling onder het domein van de opinie. Onwelgevallige boodschappers worden radicaal genoemd of complotdenkers. |
3 |
|---|
|
|---|